“Ik ben het beu jullie grens te zijn”

Deze tekst is geschreven door HUMMUS-collega, Siska Hoebeeck en verscheen oorspronkelijk als blogbericht op www.studiosiska.be

Ik ben het beu jullie grens te zijn!’ riep ik begin maart uit op een overleg met collega’s over het hoe en wat van onze samenwerking. Ik schrok van mezelf. Het was het begin van een voorjaar waarin ik overal grenzen zag. Of beter: het gebrek daaraan.

Er was de vraag van een klant over grensoverschrijdend gedrag in het team. De school waar ik op intake ging en waar zowel directie, leerkrachten als leerlingen smeekten naar duidelijke regels en afspraken. Het project dat net opstartte en waar de geëngageerde initiatiefnemers zich al bij de startvergadering indringende vragen stelden over wat er nu al dan niet binnen de contouren van het project viel. En dan was er ook nog het nieuws van de Brexit en de verkiezingen daartussenin.

De oeverloosheid enerzijds, het krampachtig teruggrijpen naar duidelijke grenzen anderzijds. Het is een thema in onze wereld vandaag. Ik voel het evenzeer in mijn persoonlijk leven en ik zie het ook in de organisaties waar ik tijdens mijn job binnen kom: bij chaos plooien de werknemers zich terug op zichzelf en op hun eigen kleine wereld. Begrijpelijk en menselijk, zeker en vast. Ik betrap er mezelf ook op dat wanneer het spannend wordt in een samenwerking, ik liever op mijn eiland blijf en ‘foert’ zeg. Dan gedraag ik mij net als een norse pro Brexit Brit. Op andere momenten gaat de slinger dan weer de andere kant op.

Ik deel graag dit fragment van Ilja Leonard Pfeiffer uit zijn nieuwe roman Grand Hotel Europa:

“Separatisme komt voort uit heimwee naar betere tijden die al niet ooit werkelijk zijn geweest. Het is een verleidelijke gedachte dat de oplossing voor de problemen van vandaag gelegen is in het terugdraaien van de klokken naar een dag dat die problemen nog niet bestonden. (…)We moeten onze grenzen weer sluiten, onze lieve oude munt herinvoeren, kerkklokken laten beieren en moskeeën sluiten, de dienstplicht in ere herstellen, het volkslied zingen en ons vroegere fatsoen van zolder halen en oppoetsen tot een baken in de duistere nacht. Dat deze nostalgische boodschap massaal weerklank vindt in heel Europa is een veeg teken. Als een significant en groeiend deel van de bevolking bereid is te geloven dat vroeger alles beter was, kunnen we met recht spreken van een oud en moe geworden continent, dat als een bejaarde voor zich uit staart zonder nog iets van de toekomst te verwachten en mijmert over betere tijden toen winters nog echte winters waren en zomers eindeloos duurden. Een beter bewijs voor de stelling dat Europa een gevangene is geworden van zijn eigen verleden is er niet. Maar als het Avondland ondergaat in heimwee naar de krachtige zon van het middaguur, kan nostalgie onmogelijk de remedie zijn.”

‘Nostalgie kan onmogelijk de remedie zijn’. Ik ben het eens met Ilja en ook met Otto Scharmer, (de grondlegger van Theory U), die stelt dat we op deze manier met z’n allen resultaten genereren die we niet willen.

En daarom ben ik zo dankbaar voor de voorbije maanden. Deze waren stormachtig én magisch tegelijkertijd. Omdat het vaak zo spannend en nieuw was, kon ik onmogelijk terugvallen op routine en automatische piloot. Ik kijk terug op een aantal kantelmomenten waarop ik kiemen zag van een nieuwe wereld. Samenwerkingen met collega’s en opdrachtgevers waarbij er ruimte was om te leren en te falen, elkaar te ondersteunen, te geven en te gunnen.

In mijn sessies kwam ik deelnemers tegen die in al hun kwetsbaarheid durfden te zeggen en te doen wat er nodig was ook als was het helemaal nog niet duidelijk waar we naartoe gingen. Ze keken het niet-weten recht in de ogen en pasten het programma van onze samenwerking aan zodat het nog niet iets beter bij hun vraag en team paste. In de chaos durven staan én tegelijkertijd positie durven innemen. Straf!

Door een persoonlijk crisissituatie, leerde ik zelf -nood breekt wet- om hulp te vragen en te ontvangen. Enkele weken later gaf Heather Plett, die ik in Amsterdam ontmoette, woorden aan deze ervaring tijdens haar workshop ‘Holding Space’.

Daarnaast ervaarde ik ook dat er gaan staan, simpelweg opdagen, vaak belangrijker is dan volledige perfectie en controle na te streven. En aan het einde van de rit beseffen dat het resultaat zelfs dan even perfect of imperfect is als anders …

Zou het kunnen dat we dat nodig hebben in deze veranderende wereld? Moed om te gaan staan in onze kracht én kwetsbaarheid? En zo ook anderen uitnodigen om in hun eigen kracht te gaan staan en verantwoordelijkheid te nemen.

Nu ik erop terugkijk besef ik dat ik de grens niet hoef te zijn, en dat ik dat ook niet dien te verwachten van mensen rondom mij. Niemand van niemand, eigenlijk. Ik vertrouw erop dat we onszelf niet kwijt zullen raken zolang we zowel onze kracht als onze kwetsbaarheid recht in de ogen durven te kijken. En dat we daarbij alle ruimte mogen nemen om samen te zoeken. Kan dat een mogelijke remedie zijn?